Een stiefouder, hoe zit dat nou juridisch

In Nederland worden er steeds meer kinderen na een scheiding opgevoed door een stiefouder. Maar wanneer is iemand precies een stiefouder? En wat zijn de rechten en plichten die hieraan verbonden zijn?

Stiefouder
Iemand is een stiefouder wanneer hij of zij trouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat met de vader of moeder van een minderjarig kind. Alleen samenwonen is niet genoeg voor het zijn van een stiefouder.

De rechten en plichten van een stiefouder
Een stiefouder heeft voornamelijk plichten, dus dingen die hij of zij moet doen. Een stiefouder moet bijvoorbeeld meebetalen aan de opvoeding en verzorging van kinderen onder de 18 jaar. Zodra het kind ouder is dan 18 jaar, dan moet de stiefouder meebetalen aan kosten voor de studie en levensonderhoud totdat het kind 21 is.

En hoe zit het met het ouderlijk gezag? Dit is het recht en de plicht van een ouder om een minderjarig kind op te voeden en te verzorgen. Een stiefouder heeft niet automatisch ouderlijk gezag over stiefkinderen. Er kunnen namelijk maar twee mensen gezag hebben over een kind. Dit zijn vaak de biologische ouders. Op het moment dat één van de twee biologische ouders het ouderlijk gezag verliest, is er voor een stiefouder de mogelijkheid om alsnog gezag te verkrijgen. Hiervoor kan er een verzoek bij de rechtbank worden gedaan. Hierbij moet de stiefouder laten zien dat hij/zij al enige tijd voor het kind zorgt. Uiteindelijk beoordeelt de rechter of de stiefouder wel of niet het gezag krijgt en kijkt hierbij vooral naar de belangen van het kind.

Wat gebeurt er als je ouder en je stiefouder gaan scheiden, maar je al heel lang door je stiefouder bent opgevoed? Officieel vervallen de plichten als stiefouder op dat moment. Er is gelukkig wel een mogelijkheid om contact te kunnen houden. Hiervoor kan er weer naar de rechter worden gegaan en gevraagd om een ‘omgangsregeling’. In een omgangsregeling wordt vastgelegd op welke wijze er contact moet blijven tussen jou en je stiefouder.

Het erfrecht is bij stiefouders en stiefkinderen ook anders dan normaal. Als een stiefouder geen testament heeft opgemaakt (in een testament wordt bepaald wat er met de erfenis gebeurt nadat je overlijdt) krijgt een stiefkind volgens de wet geen erfenis. Als er wel een testament is opgemaakt, dan moet er naar de inhoud van het testament gekeken worden. Een stiefouder kan een stiefkind betrekken in de verdeling van de erfenis, hierdoor krijgt een stiefkind dezelfde positie als ‘eigen kinderen’. Een andere optie is dat de stiefouder het stiefkind als erfgenaam benoemd, waardoor het stiefkind ook recht heeft op erfenis. Tot slot kan een stiefouder bepalen dat een stiefkind recht heeft op een bepaald bedrag of een bepaald goed. Normaal gesproken erft een stiefkind dus niet van een stiefouder, maar een stiefouder kan dit wel regelen waardoor een stiefkind dezelfde positie als het eigen kind krijgt.

Voor vragen over jouw positie als stiefkind of over de rechten en de plichten van je stiefouder kan je terecht bij de Kinderbehartiger of bij een Kinder- en Jongerenrechtswinkel bij jou in de buurt!